Windpark De Drentse Monden en windpark Oostermoer
In de zomer van 2011 is de procedure gestart voor een milieueffectrapportage (m.e.r.) voor het windpark De Drentse Monden (gemeente Borger-Odoorn). In het najaar 2011 is in de aangrenzende gemeente Aa en Hunze een initiatief ontstaan voor de realisatie van windpark Oostermoer. De plangebieden voor deze twee windparken liggen, gezien van zuid naar noord, in elkaars verlengde en zijn ingeklemd tussen de provinciegrens (met Groningen) en de Hondsrug. Voor beide windparken wordt één Milieueffectrapport (MER) opgesteld waarin beide initiatieven en hun onderlinge samenhang worden onderzocht.
Windpark De Drentse Monden is een initiatief van Stichting Duurzame Energieproductie Exloërmond en Raedthuys Windenergie B.V. voor de ontwikkeling van een windpark met een omvang van ongeveer 300 – 450 MW. Windpark Oostermoer is een initiatief van een groep agrariërs en grondeigenaren, in samenwerking met Windunie Development. Het gaat hierbij om ongeveer 120 – 150 MW.
Om deze windparken mogelijk te maken, moet het bestemmingsplan worden aangepast. Dat gebeurt met een inpassingsplan dat wordt vastgesteld door de Ministers van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie (EL&I) en Infrastructuur & Milieu (IenM). Daarnaast worden de besluiten die voor het project nodig zijn in één procedure voorbereid. Dit gebeurt onder coördinatie van de Minister van EL&I. Deze procedure heet de rijkscoördinatieregeling.
Ter voorbereiding van de keuze van de locatie moet een milieueffectrapport (MER) worden opgesteld. Daarbij worden (mogelijke) milieueffecten, bijvoorbeeld ten aanzien van de leefomgeving (o.a. geluid, slagschaduw), landschap, natuur, bodem en water in beeld gebracht, zodat deze effecten een volwaardige rol kunnen spelen bij de besluitvorming. Het MER wordt een gecombineerd project-MER / plan-MER waarvoor de uitgebreide procedure wordt gevolgd. Dit gecombineerde MER dient ter onderbouwing van het nog op te stellen inpassingsplan en en de te nemen besluiten. In het kader van de Natuurbeschermingswet 1998 wordt een voortoets uitgevoerd. Als daaruit blijkt dat significante effecten op Natura 2000-gebieden niet op voorhand uit te sluiten zijn dan zal een zogenaamde passende beoordeling moeten worden uitgevoerd die dan onderdeel zal uitmaken van het MER.
Stand van zaken
Van 20 januari tot en met 1 maart 2012 lag de ‘concept notitie Reikwijdte en Detail’ (hierna aangeduid als ‘startnotitie’) ter inzage voor de milieueffectrapportage voor windpark Oostermoer en de samenhang met windpark De Drentse Monden. De startnotitie is digitaal beschikbaar:
- Startnotitie windpark Oostermoer en samenhang windpark De Drentse Monden
Vervolg
Tijdens de terinzagelegging zijn zienswijzen binnengekomen. De startnotitie is ook voorgelegd aan de betrokken overheden (gemeenten, provincies e.d.) en aan diverse adviseurs, waaronder de Commissie voor de milieueffectrapportage. Alle zienswijzen, waaronder de zienswijzen die in de periode van van 24 juni tot en met 4 augustus 2011 zijn ontvangen, worden door de betrokken overheden meegenomen bij het opstellen van de definitieve ‘notitie reikwijdte en detail windpark De Drentse Monden en windpark Oostermoer’. Daarin wordt definitief vastgelegd welke informatie in het MER opgenomen dient te worden. In deze fase van het project wordt dus nog geen beslissing genomen over het op te stellen inpassingsplan. De startnotitie voor het MER is een eerste stap om te komen tot een goede onderbouwing van de nog te nemen besluiten.
Als het MER is afgerond, wordt mede op basis daarvan de locatiekeuze voorbereid en een ontwerp-inpassingsplan opgesteld. Dit ontwerp-inpassingsplan wordt samen met het MER en de overige benodigde ontwerp-besluiten ter inzage gelegd. Hierop kunt u weer uw zienswijze geven. Het moment waarop de terinzagelegging plaatsvindt wordt te zijner tijd aangekondigd in onder andere huis-aan-huisbladen.
Meer informatie
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met het Bureau Energieprojecten, T (070) 379 89 79.
