Emissies door communale afvalwaterzuiveringsinstallaties
SituatieschetsEmissies
Publicaties
Situatieschets
Waterzuiveringsinstallaties voor communaal (gemeentelijk) afvalwater bestaan over het algemeen uit een anaëroob en een aëroob zuiveringsdeel en uit een installaties voor verdere behandeling van het vrijkomende zuiveringsslib.
Methaan wordt gevormd bij de anaërobe zuivering en bij de slibbehandeling (resp. de waterlijn en de sliblijn). Dit methaan wordt zoveel mogelijk afgevangen en gebruikt in WKK-installaties of afgefakkeld. Hierbij en vanuit de grote wateroppervlakken van een waterzuivering treedt echter enige mate van methaanemissie op. De hoeveelheid afkomstig van de sliblijn betreft het methaan dat door lekkage vrijkomt uit de installatie.
Lachgas kan ontstaan als bijproduct bij de nitrificatie en denitrificatie van stikstofhoudende verontreinigingen in het aërobe deel van de installatie en tijdens en na het lozen van het effluent van de afvalwaterzuivering op het oppervlaktewater.
Vanuit het oogpunt van geur- en geluidemissie en explosieveiligheid bestaat er een tendens om steeds meer open oppervlakken en installatie-onderdelen af te dekken en af te zuigen. Deze lucht wordt over het algemeen via een biofilter naar de omgeving afgevoerd.
In 2006 waren 366 communale AWZI's in bedrijf. Het aantal installaties daalt de laatste jaren gestaag.
Emissies
De methaanemissie van communale afvalwaterzuiveringsinstallaties is 8.000 ton CH4 (167.000 ton CO2-equivalenten) per jaar. De totale lachgasemissie van communale waterzuiveringen is 1.160 ton N2O (359.000 ton CO2-equivalenten).
- Methaan- en lachgasemissies uit afvalwater, TNO, november 2004
Geplaatst op: 12-01-2011|Gewijzigd op: 09-09-2011
