Circulaire bodemsanering
Op 1 mei 2006 is de Circulaire Bodemsanering 2006 in werking getreden (Staatscourant 2006, 83, pagina 34). Wijzigingen van de Circulaire hebben zich voorgedaan per 1 oktober 2008, per 7 april 2009 en per 3 april 2012. In de Circulaire staat de uitwerking van het saneringscriterium centraal. De Circulaire gaat ook in op de uitwerking van de saneringsdoelstelling zoals die is opgenomen in de gewijzigde tekst van artikel 38 van de Wet bodembescherming en de wijze waarop de ernst en spoedeisendheid van een geval van bodemverontreiniging wordt vastgesteld.
Saneringscriterium
Het saneringscriterium dient er toe om vast te stellen of de sanering van een geval van ernstige verontreiniging met spoed moet worden aangepakt. Wanneer sprake is van spoed, is het nemen van maatregelen verplicht. Wanneer sanering niet met spoed hoeft plaats te vinden kan voor de aanpak van de verontreiniging worden aangesloten bij maatschappelijk gewenste ontwikkelingen. Deze saneringen vinden plaats op initiatief van de eigenaar of andere belanghebbende met het oog op gewenst gebruik van de bodem. Uiteindelijk moet het resultaat van de sanering zijn dat de locatie geschikt is voor het (toekomstig) gebruik.
Het saneringscriterium is een instrument voor het bevoegd gezag waarmee zij een (schuldig) eigenaar kan verplichten tot saneren binnen een gestelde termijn. Als de verplichting niet aan een derde kan worden opgelegd moet de overheid zelf maatregelen nemen. Tegelijk maakt het criterium het mogelijk om de aanpak toe te kunnen spitsen op risico’s van het verontreinigde gebied. Bij vaststellen van het moment van volledige sanering wordt nadrukkelijk met economische en ruimtelijke overwegingen rekening te houden.
Deze aanpak past in een beleid waarbij beheer van verontreinigde bodems voorop staat. Sanering (de meest vergaande vorm van beheer) wordt hierbij alleen opgelegd als sprake is van een ontoelaatbaar risico. Indien de risico’s op een effectieve manier tijdelijk weg zijn te nemen, ontstaat meer ruimte voor uitstel van de volledige sanering.
Sanscrit (instrument voor de bepaling van spoedeisendheid van saneren)
Vanaf oktober 2008 stelt het RIVM in samenwerking met het ministerie van VROM de webapplicatie Sanscrit beschikbaar op www.sanscrit.nl. Daar kunt u ook terecht met vragen.
Meer informatie
- FAQ Circulaire bodemsanering
- Zorgplicht MTBE en ETBE
- Wijzigingen in de Circulaire bodemsanering in 2012
Downloads
- Begeleidende brief Circulaire bodemsanering 2009
- Tabel wijzigingen in de normstelling (april 2009)
- Toelichting per stof op de wijzigingen in de normstelling (april 2009)
- Begeleidende brief Circulaire bodemsanering 2006, zoals gewijzigd per 1 oktober 2008
- Uitdampingsrisico's bij VOCL verontreiniging (Memo gemeente Enschede)
- Begeleidende brief Circulaire bodemsanering (april 2012)
Externe links
Zie ook
- Wanneer kan er bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen (Wabo) om een bodemonderzoek worden gevraagd?
- Welk recht is vanaf 1 januari 2006 van toepassing op een sanering die nog niet is uitgevoerd terwijl in 2005 met het saneringsplan is ingestemd?
- Het bevoegd gezag heeft in 2001 de schuldige eigenaar van een bronperceel per brief medegedeeld dat de sanering van overheidswege zal worden uitgevoerd, met afkoop van het aandeel van de schuldig eigenaar, echter de sanering is nog niet uitgevoerd en m
- Wanneer kan het bevoegd gezag beheersmaatregelen (art. 37 lid 4 Wbb) vaststellen?
- Kan het bevoegd gezag op grond van de Wbb het saneringstijdstip veranderen?
- Wanneer is een sanering afgerond?
- Wie is bevoegd gezag wanneer zich binnen een inrichting een nieuw geval van bodemverontreiniging voordoet?
