Als het gaat om duurzaamheid, innovatie en internationaal

GTS, BOB of BGA

Naast het octrooi- en kwekersrecht bestaat er nog een aantal andere vormen om een landbouwproduct (of levensmiddel) te beschermen.

Het gaat om de Gegarandeerd Traditionele Specialiteit (GTS), de Beschermde Oorsprongsbenaming (BOB) en de Beschermde Geografische Aanduiding (BGA). Alle drie zijn ze geregeld op Europees niveau en zijn kosteloos voor de aanvrager.

Europese Commissie

De Europese Commissie houdt een register bij waarin voor elk land is aangegeven welk product geldt als een GTS (zoals Mozzarella uit Italië), of welk product een BOB (zoals Feta uit Griekenland) of een BGA (zoals Danablu uit Denemarken) heeft. Per ingeschreven product is een productdossier beschikbaar. Iedereen die het product maakt volgens de voorschriften in het productdossier, mag de aangegeven naam voeren. Daarin verschillen deze beschermingsvormen van een merk, dat alleen mag worden gebruikt door de houder ervan.

Gegarandeerd Traditionele Specialiteit

Een GTS gaat over het traditionele karakter in de samenstelling of in de wijze van productie. ‘Traditioneel’ betekent een onveranderd en aantoonbaar gebruik op de EU-markt voor een periode van minimaal 25 jaar. Bijvoorbeeld: de Bond van Boerderijzuivelbereiders (de vertegenwoordiger van boeren die de melk van de eigen veestapel verder verwerken) heeft ervoor gezorgd dat ‘Boerenkaas’ een GTS is. In het bijbehorende productdossier heeft de Bond de grondstoffen, hulpstoffen en bereidingsmethode uitgebreid omschreven. Daarin is ook het traditionele karakter terug te vinden: het gaat om een procédé dat al decennia wordt gebruikt door boeren die op de eigen boerderij kaas maken van rauwe melk van (grotendeels) de eigen veestapel. Iedere boer die kaas maakt met de vastgestelde stoffen volgens de voorgeschreven bereidingswijze mag zijn kaas ‘Boerenkaas’ noemen.

Beschermde oorsprongsbenaming

Een BOB betreft landbouwproducten en levensmiddelen die geproduceerd èn verwerkt èn bereid zijn in een bepaald geografisch gebied. Daarbij moet er een verband bestaan tussen de kwaliteit of de kenmerken van het product en het geografische milieu. Bijvoorbeeld: Campina heeft van ‘Noord-Hollandse Gouda’ een BOB gemaakt voor een bepaald soort kaas. De geografische aanduiding is hier ‘Noord-Holland’; ‘Gouda’ wordt alleen gebruikt om het type (model) kaas aan te geven. In het bijbehorende productdossier heeft Campina omschreven dat ‘Noord-Hollandse Gouda’ volgens een bepaald procédé moet worden bereid uit melk die is gewonnen in de provincie Noord-Holland; het daar aanwezige weidegebied geeft een specifieke smaak aan de melk en dus aan de kaas. Voorts moet de kaas in Noord-Holland worden verwerkt en bereid. Iedereen die in Noord-Holland kaas maakt van Noord-Hollandse melk volgens het beschreven procédé, mag zijn kaas ‘Noord-Hollandse Gouda’ noemen.

Beschermde Geografische Aanduiding

Een BGA wordt verstrekt op landbouwproducten en levensmiddelen die geproduceerd en/of verwerkt en/of bereid zijn in een bepaald geografisch gebied. Daarbij moet er een verband bestaan tussen de hoedanigheid of de faam van het product en de geografische oorsprong. Bijvoorbeeld: de Nederlandse Zuivel Organisatie (NZO) heeft ‘Edam Holland’ vastgelegd als BGA voor een bepaald soort kaas. De geografische aanduiding is hier ‘Holland’; de ‘Edammer’ kaas rolt inmiddels tot in Nieuw-Zeeland van de band, en NZO wilde voor de Edammer die in Nederland wordt gemaakt een eigen benaming. In het bijbehorende productdossier heeft NZO omschreven dat ‘Edam Holland’ in Nederland moet worden gemaakt van koemelk van Nederlandse melkveehouderijbedrijven. Het verband wordt hier gelegd tussen de faam van een Hollandse kaas en de toevoeging ‘Holland’ aan de naam; NZO gebruikt termen als ‘wereldwijde reputatie’ en ‘symbool voor het Nederlandse culturele erfgoed’ om aan te tonen dat er niets boven uit Holland afkomstige kaas gaat. Iedereen die in Nederland kaas maakt van Nederlandse melk volgens het beschreven procédé mag zijn kaas ‘Edam Holland’ noemen.

Register

De Europese Commissie houdt in een register de GTS-en, BOB’s en BGA’s bij. Ze zijn terug te vinden in de zogenaamde DOOR-database. Hierin zijn zowel de aangevraagde als de gepubliceerde en verleende aanvragen terug te vinden.

Wijnen

Wijnen kennen een eigen regime. De Europese Commissie houdt een register bij van de IGT-wijnen (IGT = indicazione geografica tipica = indicatie van geografische oorsprong). Als men voor een wijn een IGT-naam wil gebruiken, moet de wijn voor minstens 85 procent afkomstig zijn uit het geografische gebied waarvan zij de naam draagt. Bovendien moet zij voldoen aan de criteria die zijn opgenomen in het bijbehorende productdossier. Die criteria betreffen bijvoorbeeld de maximum opbrengst druiven per hectare of het alcoholgehalte van de wijn. Een bekend voorbeeld is Champagne. Door de instelling van Champagne als IGT mag niet meer iedere mousserende wijn Champagne genoemd worden. Bekijk ook eens het IGT-register.

share
Geplaatst op: 15-03-2011|Gewijzigd op: 31-01-2012