Invulling SDE+ 2011 steeds concreter
De minister heeft het voornemen de SDE+ op 1 juli open te stellen. Voor de SDE+ is dit jaar 1,5 miljard euro beschikbaar. De SDE+ bouwt verder op de fundamenten van het huidige SDE-besluit. In de regelingen die uitvoering geven aan het SDE-besluit wordt een aantal wijzigingen doorgevoerd om de beschikbare middelen zo kosteneffectief mogelijk in te zetten en grootschalige uitrol van duurzame energie mogelijk te maken.
De SDE+ is gestoeld op vier pijlers:
- Eén integraal budgetplafond;
- Een maximum basisbedrag van 15 ct/kWh voor hernieuwbare elektriciteit of 104 ct/Nm3 voor hernieuwbaar gas;
- Gefaseerde openstelling;
- Introductie van een “vrije categorie”.
De SDE+ vergoedt het verschil tussen de kostprijs van grijze energie en die van duurzame energie over een periode van 12 of 15 jaar (basisbedrag – correctiebedrag = SDE-bijdrage). Dit is het basisprincipe van de regeling. Op de website van de SDE vindt u meer informatie over de berekening van de SDE-bijdrage.
Eén integraal budgetplafond
Er wordt één subsidieplafond vastgesteld voor alle categorieën in plaats van verschillende subsidieplafonds per technologie, zoals tot nu toe in de SDE gebruikelijk was. Alle technologieën concurreren dus met elkaar voor hetzelfde budget. In 2011 wordt het budget nog gelijk over elektriciteit en groen gas verdeeld. Als één van de twee opties eerder is overtekend dan de andere optie en er nog veel budgetruimte is bij de andere optie, wordt het restbudget herverdeeld over elektriciteit en gas, door publicatie van een wijzigingsregeling. Op die manier functioneert het systeem alsof er één plafond is. Intussen wordt het Besluit SDE aangepast, zodat vanaf 2012 één plafond wordt opengesteld voor alle opties.
Een maximum basisbedrag van 15 ct/kWh
Er geldt een maximum basisbedrag van 15 ct/kWh (resp. 104 ct/Nm3 voor groen gas opties). Alle technieken die voor dit bedrag of lager duurzame energie kunnen produceren, komen in beginsel in aanmerking voor subsidie.
Gefaseerde openstelling
In 2011 worden vier fasen opengesteld. In de eerste fase kunnen projecten met een basisbedrag dat lager of gelijk is aan 9 ct/kWh subsidie aanvragen. In elke opeenvolgende fase gaat deze bovengrens - bij voldoende resterend budget - een stap omhoog, tot het maximum basisbedrag van 15 ct/kWh in de vierde fase. Voor iedere technologie is er nog steeds een eigen basisbedrag waarboven geen subsidie zal worden uitgekeerd. Binnen de fases geldt nog steeds het systeem van ‘wie het eerst komt, wie het eerst maalt’. Zie voor meer details over de fasering en bedragen de kamerbrief.
Introductie van een “vrije categorie”
In ieder fase is een vrije categorie. Zo kunnen innovatieve ondernemers, die goedkoper kunnen produceren dan het berekende basisbedrag voor de betreffende technologie, toegang krijgen tot de SDE+. Voor projecten in de vrije categorie geldt een basisbedrag dat gelijk is aan de bovengrens van de betreffende fase waarin men subsidie heeft aangevraagd. Voorwaarde is dat dit bedrag lager is dan het basisbedrag van de betreffende technologie. Zo biedt de vrije categorie ook ruimte voor een aantal technologieën waarvan de kosten gemiddeld hoger zijn dan 15 ct/kWh, zoals elektriciteit uit thermische conversie van biomassa < 10 MW, zon-PV ≥ 15 kWp, vrije stromingsenergie, osmose, elektriciteit uit geothermie, wind in meer, wind op zee en co-vergisting elektrisch. Het maximum basisbedrag per fase tot 15 ct/kWh in fase 4 blijft wel gelden. Hierboven op kan wel een bonus worden gegeven voor nuttig gebruik van warmte.
Andere belangrijke wijzigingen
Kleinschalige zon-PV-installaties, met een vermogen van minder dan 15 kWp komen in de SDE+ niet langer in aanmerking voor subsidie. De bovengrens van 100 kWp komt in 2011 te vervallen, waardoor meer mogelijkheden ontstaan voor grootschalige zon-PV-projecten.
De SDE+ blijft kritisch op de haalbaarheid en de (voortgang) in de realisatie van projecten. Verschillende maatregelen stimuleren aanvragers om goed uitgewerkte subsidieaanvragen in te dienen. Zo mag gedurende de openstellingsperiode (1 juli t/m 30 december 2011) per categorie productie-installaties slechts één aanvraag per locatie worden ingediend. Aanvragers moeten aannemelijk maken dat ze een goede kosteninschatting hebben gemaakt en kunnen beschikken over de benodigde financiering. Voor alle categorieën productie-installaties geldt dat vergunningen die vereist zijn voor de productie-installatie bij de subsidieaanvraag meegestuurd moeten worden. Meer informatie hierover vindt u in de kamerbrief.
Voor groen gas projecten is een haalbaarbaarheidsstudie met prijsindicatie van netbeheerders vereist. Aanvragers wordt geadviseerd zo snel mogelijk, vooruitlopend op publicatie van de SDE-regeling in de Staatscourant, een verzoek in te dienen bij de netbeheerder.
Na publicatie van de SDE-regelingen in de Staatscourant zullen wij u via een nieuwe nieuwsbrief informeren. Vanaf dat moment vindt u meer gedetailleerde informatie op de SDE website evenals een voorlichtingsfilm over de werking en het aanvragen van de SDE+ in 2011.
Downloads:
Kamerbrief 22 april 2011, openstelling regeling SDE+
Persbericht Stimulering duurzame energie van start
