Per 1 oktober 2008 en 1 april 2009 is de Circulaire bodemsanering gewijzigd. Kent de gewijzigde Circulaire overgangsrecht en blijven voor deze datum uitgevoerde bodemonderzoeken bruikbaar?
Nee, de Circulaire bodemsanering kent geen overgangsrecht. Dit betekent dat beschikkingen ernst en spoed die zijn afgegeven vóór 1 oktober 2008, respectievelijk 1 april 2009 geldig blijven en niet hoeven te worden gewijzigd. Ook een beschikking instemming saneringsplan van vóór 1 oktober 2008, die voor de terugsaneerwaarden bijvoorbeeld verwijst naar de oude Bodemgebruikswaarden (BGW’s), blijft geldig. Dit geldt ook indien de start van de sanering plaatsvindt na 1 oktober 2008. Wel doet de saneerder er goed aan om bij een sanering wel degelijk rekening te houden met de nieuwe (interventie)waarden, omdat bij het evaluatieverslag beoordeeld wordt of er na sanering gebruiksbeperkingen of maatregelen in het belang van de bescherming van de bodem nodig zijn.
Beschikkingen die worden genomen gaan in principe uit van de op dat moment geldende Circulaire bodemsanering. Dat wil zeggen dat wordt getoetst aan de op dat moment geldenden saneringscriterium en de op dat moment geldende interventiewaarden. In plaats van de BGW’s wordt vanaf 1 oktober 2008 voor de terugsaneerwaarde en kwaliteitseis voor leeflaag en aanvulgrond gebruikgemaakt van de op het Besluit bodemkwaliteit afgestemde waarden.
Omgang met oude bodemonderzoeken
Het zal veel voorkomen dat bij na 1 oktober 2008 respectievelijk 1 april 2009 te nemen beschikkingen (deels) gebruikgemaakt wordt van voor die datum uitgevoerde bodemonderzoeken. In deze bodemonderzoeken zal nog getoetst zijn aan de destijds geldende interventiewaarden en is voor het bepalen van de spoed (risicobeoordeling) uitgegaan van het destijds geldende saneringscriterium (toenmalige versie van Sanscrit). Standpunt van het Rijk is dat deze bodemonderzoeken, mits nog representatief, gewoon in behandeling kunnen worden genomen (lees: niet opnieuw hoeven te worden uitgevoerd). Wel dienen de analyseresultaten hertoetst te worden aan de thans geldende interventiewaarden (gevalsdefinitie) en dient de risicobeoordeling mogelijk herzien te worden met de gewijzigde versie van Sanscrit.
Wijzigingen interventiewaarden voor drins en DDT’s per 1 april 2009
Naar aanleiding van knelpunten die zich in de praktijk hebben voorgedaan heeft het ministerie van VROM besloten de interventiewaarde voor drins, DDE en DDT te herzien. Indien tussen 1 oktober 2008 en 1 april 2009 beschikkingen zijn genomen waarbij op basis van deze stoffen sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging, terwijl op basis van de herziene interventiewaarden dit niet meer het geval is, kan de beschikkinghouder het bevoegd gezag vragen te overwegen om de beschikking te herzien.
